Uniswap v4-fees zijn via governance geactiveerd op geselecteerde pools op meerdere blockchains, wat het debat over hoe protocolkosten de inkomsten van liquiditeitsverschaffers (LP's) beïnvloeden, opnieuw heeft aangewakkerd. Oprichter Hayden Adams verdedigde de structuur publiekelijk en stelde dat protocolkosten additief zijn en de LP-inkomsten niet verminderen. Critici wijzen echter op een wiskundige discrepantie die de basis waarop LP-fees worden berekend, zou kunnen verkleinen.
Hoe de kostenstructuur werkt
Uniswap's eigen documentatie beschrijft protocol- en LP-fees als sequentieel toegepast. De protocolfee wordt eerst genomen, waarna de LP-fee wordt berekend over het resterende bedrag. Dit betekent dat de LP-fee wordt toegepast op een kleinere basis dan wanneer de protocolfee niet zou bestaan. Critici stellen dat dit wiskundig de LP-inkomsten vermindert, zelfs als de protocolfee klein is.
Adams' verdediging en de wiskundige kwestie
Adams gebruikte een pool van 30 basispunten als referentie en stelde dat een protocolfee van 5 basispunten ongeveer 14% van de totale swapkosten vertegenwoordigt, geen vermindering van LP-inkomsten. Eenvoudige deling van 5 basispunten door 30 geeft 16,7%, niet 14%. De discrepantie wordt niet verklaard in het geciteerde rapport. Adams houdt vol dat de fee additief is en dat LP's nog steeds dezelfde LP-fee verdienen over het resterende bedrag, maar de sequentiële toepassing betekent dat de LP-fee over een iets kleinere hoofdsom wordt berekend.
Uniswap heeft ongeveer $3,06 miljard aan totale vergrendelde waarde (TVL), waarmee het volgens DefiLlama de grootste gedecentraliseerde beurs is. Verwacht wordt dat governance-stemmen om v4-protocolkosten uit te breiden naar extra implementaties zullen doorgaan. De centrale economische vraag is of Uniswap concurrerende liquiditeitsdiepte kan behouden terwijl het protocolinkomsten genereert. Als LP's het gevoel hebben dat hun inkomsten worden uitgeknepen, kunnen ze naar andere platforms verhuizen. De volgende stemmen zullen dat testen.




